iA


Pers

Peter Terrin over Acqua Azzurra:

in De Standaard: Doc – 7-dec.-2013 12-31

in De Morgen: Doc – 7-dec.-2013 12-32

 

over Icarus in Knack:

“Barre Weldaad, zowat het best bewaarde geheim in het Vlaamse jeugdtheaterlandschap, heeft een patent op ontluisterende creaties. De klassieke mythologie of andere klassieke verhalen fungeren vaak als inspiratiebron voor vrij duistere, poëtische vertellingen die de actuele jongerenleefwereld thematiseren.”

“Muzikant en componist Bode Owa speelt live Afrikaanse percussieklanken die dan eens onheilspellend, dan opzwepend door de ruimte golven.Die ruimte is als een donkere doolhof vormgegeven. Met enkele zwarte, doorschijnende stroken stof, dikke mistwolken en een exquisiete lichtregie creëert regisseur en scenograaf Barbara Vandendriessche, samen met lichtontwerper Ludo Van Craen, een mysterieuze ruimte die zowel de concrete plaats – de doolhof – verbeeldt als het abstractere vader-zoon thema uitbeeldt. Zo eist Barre Weldaad met deze Icarus zijn plek op onder de zon als inventief jeugdtheatergezelschap.”

 

“Hoe breng je het verhaal van de tragische koning Oedipus naar een publiek van tienplussers? Barre Weldaad heeft met Oedipus: Mankepootstekeblind! een antwoord klaar. Doorspekt met taalspelletjes, poëzie en kolder, met een speels décor en een helse vaart, gaat hun versie er bij de lagereschoolkinderen in als zoete koek. Een fijne komedie, dat Oedipusverhaal? ”

“Acteurs Bert Cosemans en Sofie Van Moll treden op als vertellers en nemen daarnaast ook nog eens alle rollen voor hun rekening. Om verwarring te voorkomen, krijgt elk personage een duidelijk uiterlijk kenmerk. Oedipus heeft een stok, de herder hangt een schapenvel over zijn schouder, Iokaste toont graag welke bh ze draagt, en alle edelen hebben ergens een gouden detail in hun kostuum. Twee grote decorstukken vormen elkaar spiegelend de letter omega, afsluiter van het Griekse alfabet en onheilsteken. In de meest uiteenlopende posities krijgen ze per scène een nieuwe functie, van de boom waaraan de herder Oedipus als baby vindt, over de schommelstoelen van koning Polybos en koningin Merope, tot de poort van de sfinx. Dit gebruik van het décor zorgt voor snelheid en afwisseling in de voorstelling. ”

 

“Met Minotaurus richt Barre Weldaad zich tot een publiek vanaf veertien jaar. Een gedurfd initiatief om zowel jongeren als volwassenen te confronteren met een Griekse mythe en een link te leggen met hedendaagse toestanden. Om meer dan één reden een geslaagde voorstelling. ”

“Vooreerst wordt geopteerd voor een dansante voorstelling. Lichaamstaal als basis voor elke vorm van theatraliteit. Dans als een manier om natuurelementen te beheersen. Dans en de onafscheidelijke muziek krijgen het hoofdaandeel terwijl elke beweging van de danser in een installatie als in een spiegelpaleis langs alle kanten weerspiegeld wordt en via projectie in real-time tot in het oneindige wordt herhaald. Natuur wordt door gesofistikeerde cultuur in bedwang gehouden. Het labyrint van Dürrenmatt wordt een klinische isoleercel met bewakingscamera’s en associaties aan Big Brother-toestanden. Tekst (Stef Driezen) wordt hier tot een minimum herleid en vooral gezongen. De muziek voor synthesizer en percussie (Ivan Pecnik) en elektrische gitaar (Frank Mercelis), live uitgevoerd, is krachtig voer voor Minotaurus, half stier half mens, door Bodé Owa op een fascinerende manier vertolkt. Bodé Owa, van Nigeriaanse afkomst, heeft het dansen in zijn hele lijf. Hij belichaamt de dominantie van het instinctieve, de drift en de dreiging. Opmerkelijk is de expressieve manier waarop hij danst en in en met zijn dansen speelt.”

 

“Carl Ridders geeft op verschillende manieren gestalte en gevoelens aan het beangstigende personage. Hij mimeert en is ook de gedisciplineerde danser in de manier waarop hij door zijn vijver schrijdt, zijn naakte voeten beweegt, zijn lichaam en het licht laat spreken. Hij toont het kwaad in menselijke trekken. Hier is ook een verteller aan het werk die een taal spreekt waar je bewonderend van geniet, hoe schuldig de inhoud ook is. Tegelijk worden een aantal tekens uitgezet en allusies gemaakt, die veel verder en dieper gaan dan wat ons nu in het Dutroux-tijdperk bezighoudt.”